ZZP’ers, geen echte ondernemers maar verborgen werklozen
2010
ZZP’ers zijn voornamelijk mensen die slachtoffer zijn van een reorganisatie en voor zichzelf beginnen om het hoofd boven water te houden, en minder om een bedrijf op te bouwen. Dat is de pittige conclusie van een artikel in het FD over de daling van het aantal ondernemers en de groei van het aantal zzp’ers. ‘Nederland telt steeds minder echte ondernemers’ luidt de kop van het artikel.
De aanleiding wordt gevormd door de recente cijfers van de Kamer van Koophandel: het totaal aantal ondernemingen in Nederland dat staat ingeschreven bij de Kamers van Koophandel is in 2009 gekrompen met 20.507. Die krimp is beperkt gebleven door de nettogroei van het aantal eenmanszaken vorig jaar met ruim 30.000.
Die eenmanszaken lijken vooral opgericht door mensen die zojuist hun baan hebben verloren. Meestal starten ze voor zichzelf in de dienstverlening, zonder kapitaal, zonder voorraden en vaak ook zonder bedrijfsruimte. Niets mis mee, zou je zeggen, iedere ondernemer is er één. Zo kijkt niet iedereen er tegenaan. De hoofdeconoom van het CBS schuwt de pittige uitspraken niet. Over de toename van het aantal starters zegt hij dat het ‘in toenemende mate marginalen zijn die geen wezenlijke economische activiteiten laten zien’.
En Alfred Kleinknecht, hoogleraar economie van innovatie aan de technische universiteit Delft denkt dat ‘een groot deel van de aanwas recent ontslagen moet zijn’. ‘Vroeger vonden zij opvang in wao of vut-regeling, nu worden ze gedwongen zzp’er en dat is geen goed teken’.
Ondernemer of niet?
Genoemde heren rakelen de aloude discussie weer op rond de vraag: wanneer ben je ondernemer? Is iemand die in z’n eentje wil werken, vanuit huis, met weinig vaste lasten en zonder ambities om te groeien een ondernemer of niet? Telt je bijdrage aan de landelijke economie mee bij het beantwoorden van die vraag?
Wat niet wordt gesteld is dat onze economie aan verandering onderhevig is. Organisaties worden meer en meer ‘lean and mean’ zodat ze in tijden van recessie kunnen overleven en in bloeiperiodes werk uitbesteden. Bijvoorbeeld aan eenpitters die daarmee dus bijdragen aan het voortbestaan van hn (veel grotere) opdrachtgevers. Die ontwikkeling betekent een afname van de gemiddelde omvang van bedrijven en een toenmae van kleine bedrijven en zzp’ers.
De gedachte dat je pas een echte ondernemer bent als je groeiplannen hebt lijkt mij wat ouderwets. Niet iedereen voelt zich prettig in de rol van personeelsmanager en niet iedere ondernemer heeft zin om ’s morgens om half negen als eerste de deur te openen en deze om zes uur weer als laatste te sluiten. Ondernemen is in de eerste plaats vrijheid. Vrijheid om het werk te doen zoals jij dat goeddunkt. Om te werken op tijden dat het jou het beste uitkomt. En -niet onbelangrijk- om klein te blijven als jij dat ambieert.
Natuurlijk zijn er veel mensen die er de voorkeur aangeven om zich bij de KvK in te schrijven in plaats van bij het CWI. Dat lijkt een te prijzen keuze. En misschien zijn deze zzp’ers wel de eerste die weer stoppen zodra er een leuke ‘vaste’ baan voorbijkomt. Nou en?
Maar misschien ontdekken deze gemarginaliseerde ondernemers ook wel de geneugten van het ondernemerschap en blijven ze als zelfstandige zonder personeel door het leven gaan. Ze leveren een bescheiden bijdrage aan onze economie, hun ondernemingsplan kan kort en bondig blijven en zij voelen zich gelukkig met hun door economen en andere loonslaven gemarginaliseerde positie.
Bron: Businessbox.nl


Reactie